“Leren zal veel meer via het werk moeten verlopen”

collega's op het werk

Werknemers van de toekomst zullen zich continu moeten bijspijkeren. Dat is de belangrijkste conclusie uit het rapport 'Toekomstverkenningen arbeidsmarkt 2050' dat het Steunpunt Werk (HIVA) onlangs publiceerde. Dit blogbericht vat samen waarom levenslang leren belangrijker wordt dan ooit, wat de uitdagingen in Vlaanderen zijn en hoe u, vandaag al, toekomstgericht kunt werken.

Wat maakt professionele ontwikkeling anno 2050 nog belangrijker dan vandaag?

De tijd dat je veertig jaar lang dezelfde job uitoefende bij dezelfde werkgever, ligt ver achter ons. Er is veel meer keuze, en omdat kiezen ook verliezen is, zit de sector van de loopbaanbegeleiding duidelijk in de lift. Bijscholing, laat staan herscholing is vandaag de dag minder populair, en dat zal in de toekomst zeker veranderen. Enkele observaties uit de toekomstverkenningen:

  • De jobinhoud zal vlugger dan ooit evolueren. Werknemers zullen zich continu moeten bijscholen want hun diploma’s verouderen sneller en sneller. Aanpassing wordt een voorwaarde om de job te kunnen behouden. Deze 'kwalificatieveroudering' is een sociaal risico, want het kan er voor zorgen dat mensen die zich niet op tijd hebben bijgeschoold uit de boot vallen.
  • Door snelle economische veranderingen zullen we mensen niet altijd jobzekerheid kunnen geven. Daarom wordt de 'employment security' belangrijker. Het is in ieders belang om de inzetbaarheid van mensen zo groot mogelijk te houden zodat transities naar andere organisaties mogelijk zijn.
  • De meerderheid van de jobs in de toekomst zal een hoge kwalificatie vragen. Dit betekent dat we samen moeten bekijken hoe laaggeschoolden kansen kunnen krijgen om zich verder te ontwikkelen.


Kortom: de werknemer van de toekomst moet meer dan ooit beslissingen nemen over de eigen loopbaan. Dit vergt nieuwe competenties zoals het reflecteren over de eigen mogelijkheden en talenten. Geen eenvoudige klus en dus is coaching absoluut welkom.

Heeft Vlaanderen uitdagingen op dit vlak?

U zou kunnen denken: er is toch al veel, opleidingscheques, loopbaanbegeleiding, tijdskrediet. Toch loopt Vlaanderen in vergelijking met andere landen achter en zijn we dus wat toekomstgericht opleiden betreft niet de beste leerling van de klas:

  • In vergelijking met andere landen is er sprake van onderparticipatie en onderinvestering in levenslang leren. In Vlaanderen neemt men weinig deel aan professionaliseringsinitiatieven. Het aanbod is beperkt en werkgevers staan doorgaans niet te springen om hier tijd en geld voor vrij te maken.
  • De kloof tussen opleiding en arbeidsmarkt is in Vlaanderen groter dan in andere landen. Onze bachelor- en masteropleidingen richten zich vooral op initieel onderwijs. In de USA en Australië en in mindere mate ook Nederland is het veel normaler dat mensen na een paar jaar werken weer naar de schoolbanken terugkeren.
  • In vergelijking met andere landen treden Vlaamse jongeren pas laat in op de arbeidsmarkt: ze blijven lang studeren, stapelen het ene diploma op het andere, maar doen nauwelijks praktijkervaring op.
  • Er zijn nog heel wat drempels die mensen tegenhouden om van werk (of sector) te veranderen. Zo kunnen bepaalde rechten (bv. op tijdskrediet) niet worden overgedragen.


Kortom: er is nood aan een andere leer- en werkcultuur. Werknemers moeten meer tijd en ruimte kunnen maken voor vorming tijdens hun loopbaan. Aan de andere kant moeten onderwijsinstellingen meer bruggen slaan naar de arbeidsmarkt.  Het rapport 'Toekomstverkenningen arbeidsmarkt 2050' geeft een grote reeks concrete suggesties hoe dit gerealiseerd kan worden.

Wat kunnen we vandaag al doen?

Toekomstgericht personeelsbeleid betekent dus: investeren in de blijvende inzetbaarheid van uw mensen en de kloof tussen de arbeidsmarkt en opleidingen dichten. FARO is proactief en zet daarom in op het traject 'Tijd voor vakmensen'. U kunt nu al:

  • De leercultuur in uw organisatie veranderen. Geef uw mensen kansen om bij te leren en zie dat niet als een overbodige luxe. Erken ook andere vormen van leren dan de traditionele cursus. Wisselleren, jobshadowing, mentoring en collegagroepen zijn alternatieve vormen van leren waar men veel kan opsteken.
  • Nadenken over het 'nieuwe werken': vormen van thuiswerk, aangepaste werkuren, inzetten van tijdskrediet, zelfsturende teams …
  • De kloof tussen opleiding en arbeidsmarkt verkleinen door boeiende stageplaatsen en thesisonderwerpen aan FARO door te geven.
  • Coachend leidinggeven en talentgerichte loopbaangesprekken met uw werknemers voeren. We leggen de basis van jobcrafting aan u uit op 25 april. In het najaar van 2017 zetten we daar verder op in. 
  • Medewerkers inspraak geven in het vormingsbeleid. Teken dus een vormingsplan uit, bijvoorbeeld met behulp van ons stappenplan.
  • Aangeven welke concrete vormingsnoden er bestaan binnen uw organisatie. Neem contact op met Jacqueline van Leeuwen of kom naar ons vormingsoverleg op 20 april.


Vragen, suggesties of nood aan advies op maat? Neem contact op met Jacqueline van Leeuwen.